Had ik dit maar geweten bij de eerste baby

Wat een feestje zo’n derde baby. Het is echt waar wat ze zeggen, noodgedwongen worden we bij de derde relaxter. Omdat het toch niet perfect kan, hebben we die illusie maar losgelaten. Met als resultaat: we hebben nog nooit zo intens genoten als nu.

 

10 dingen die we anders doen bij onze derde baby:

  1. Voor de komst van ons eerste kind kochten we een prachtige suède luiertas: geen goede combinatie met babyspuug. Bij nummer twee ruilden we het inmiddels plakkerige exemplaar dan ook in voor een solide zwart nylon exemplaar. Nu laten we de luiertas meestal helemaal achterwege: een luier, fles en multifunctionele billendoekjes in de handtas en gaan. En als we de luiertas al meenemen is hij tot de helft gevuld en doen we er veel minder lang over om in te pakken. Heb je met de eerste nog alle tijd, met nummer drie heeft er altijd wel iemand in zijn broek geplast vlak voor vertrek of staat er al iemand bijna op straat. Dus doen we een wilde graai in de hoop dat alles mee is. Een romper kan ook dienen als spuugdoekje als het nodig is. En billendoekjes zijn op veel plekken te koop of te leen.
  2. Bij een miauw-huiltje schieten we niet in een kramp. Laat maar even mauwen, denken we terwijl we een ontbijtje maken voor onszelf. Het fundament van ons gezin – de Moeder – moet overeind blijven, is ons mantra.
  3. We lullen de tijd niet vol op het moment dat hij wakker is. Een klassiek muziekje op de achtergrond doet het ook goed als vermaak in de box. En twee grote broers zorgen voor volop afleiding en met een beetje geluk vermaak. Bij de eerste lazen we hem al voor toen hij vijf dagen oud was, lieten we iedere teen knoflook zien bij het koken en lazen we hardop de krant. Vandaar dat zijn klep nu nooit stilstaat.
  4. Bij alles denken we ‘het is een fase’ terwijl we bij de eerste dachten ‘dit gaat nooit meer over’. Bovendien zijn we al jaren gewend aan gebroken nachten en om halfzes opstaan. Dus zo veel verandert er ook weer niet met een baby erbij.
  5. We schakelen sneller hulp in. Onze mannen werken ongeveer altijd, dus tijdens spitsuur hebben we een extra paar handen ingehuurd. En we zeggen gewoon ja als mensen vragen of we behoefte hebben aan een pannetje soep of een ophaalservice van school voor de oudste. Nee, we hoeven het van onszelf niet meer allemaal alleen te doen. Heerlijk!
  6. Deden we de eerste baby nog dagelijks uitgebreid in bad met massage achteraf, nu zijn we blij als hij drie keer gewassen is in de week. Samen douchen vinden we een uitkomst. Ook draagt hij uitsluitend box pakken: knoopjes vast en klaar. O ja, verschonen in het holst van de nacht doen we ook niet meer, zolang hij niet nat is en we geen poep ruiken. En bij een poeprandje op zijn romper doen we net of we dat niet zien. Zo’n outfit kan prima nog een paar uurtjes mee.
  7. We zijn niet meer zo streng voor onszelf. Een prestatie als de borstvoeding lukt net met twee andere achter elkaar aan rennende jongens en vaak ook nog een speelafspraakje. Maar zo niet, dan is er geen kind overboord en grijpen we naar de fles.
  8. We laten onze baby overal slapen: in de box en wandelwagen langs de lijn van het voetbalveld. Nood breekt wet en baby’s zijn toch dol op white noise. In onze buik was het ook geen museum of stilte coupé.
  9. We maken niet meer honderd foto’s per dag van onze baby. Drie per week ongeveer. Dat geldt ook voor het beantwoorden van mails en appjes. En we proberen ons daar niet schuldig over te voelen.
  10. We zijn immuun geworden voor ongevraagd advies. “Volgens mij huilt hij, omdat je geen borstvoeding meer geeft”. “Waarom zou je zes weken niet tillen na je keizersnede? In Afrika dragen ze de kinderen de dag na de bevalling gewoon weer op hun rug mee het veld op.” Mensen bedoelen het goed, denken we dan meestal maar. En dan doen we lekker ons eigen ding, want dat werkt al zes jaar prima.